BSN in berichtenverkeer

Printervriendelijke versieVanaf 1 juni 2008 is de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg (Wbsn-z) in werking getreden. Dit betekent onder meer dat het is toegestaan het BSN te gebruiken in elektronische berichten. NICTIZ heeft de huidige elektronische berichten, zoals labberichten, specialistenbrieven en waarneemberichten, aangepast en het is nu mogelijk het BSN in deze zogenaamde EDIFACT berichten op te nemen.

Z-NetwerkenNederland adviseert leveranciers van zorginformatiesystemen tijdig maatregelen te nemen om het BSN in de elektronische berichten op te nemen en te kunnen verwerken. Vanaf 1 juni 2009 is het verplicht het BSN te gebruiken, het is echter raadzaam om al eerder te starten met de invoering hiervan in het elektronisch berichtenverkeer. Het gebruik van het BSN zorgt voor een goede patiëntidentificatie. Het koppelen van elektronische berichten aan de juiste patiënt kan eenvoudiger en minder foutgevoelig worden.

Om het gebruik van BSN in het berichtenverkeer te bevorderen, worden door NICTIZ de EDIFACT standaarden in beheer genomen. Op de NICTIZ website worden de relevante standaarden gepubliceerd. Daarin is ook opgenomen op welke manier het BSN geïmplementeerd dient te worden in de berichten. Het BSN moet in elk geval worden gebruikt in de volgende berichten:

  • Versie 1 berichten:
    MEDEHB 1.0, MEDLAB 1.0, MEDMUT 1.0, MEDOVZ 1.0, MEDRAD 1.0, MEDREC 1.0, MEDSPE 1.0, MEDVRI 1.0

  • Versie 3.x berichten:
    MEDMUT 3.1, MEDREC 3.2H, MEDSPE 3.1 EN 3.3, MEDVRY 3.1, MEDRPT 3.2

  • De diverse MEDEUR en OZIS berichten, zoals MEDOVD 1.1, VWI 1.1 en WNH 1.0.

Meer informatie over de invoering van het BSN in de zorg is na te lezen op www.infobsnzorg.nl. Voor specifieke vragen over BSN in de elektronische berichten kunt u contact opnemen met de Z-NetwerkenNederland (sales@z-netwerken.nl) of NICTIZ (support@nictiz.nl)